07-04-2019 09:00 | KNMI | m.b.t. 07-04-2019 t/m 08-04-2019
Guidance modelbeoordeling
Modellen algemeen tot +48 uur, geldig tot maandag 08 april 2019 24.00 locale tijd
Guidance modelbeoordeling voor Nederland, de Nederlandse kustwateren en de Noordzee, gebaseerd op de HIRLAM run van 00 UTC en de overige genoemde modellen en gidsen met bijbehorende runtijd.Modelbeoordeling door meteoroloog
Synoptische situatie:
Tussen een complex laag boven de Golf van Biskaje en Zuid-Frankrijk en een gordel van hoge druk boven het noorden van Europa staat er in ons aandachtsgebied een zwakke oostelijke stroming. Een OZO-WNW georiënteerde vore ligt van Zuid-Duitsland naar België. Op 300 hPa trekt verder een zwakke trog op zondagavond en in de nacht naar maandag westwaarts over het zuiden van het aandachtsgebied. Maandag verandert er in grote lijnen niet veel. De eerder genoemde vore lijkt een fractie noordelijker te komen en de bovenlucht op 500 hPa vertoont iets meer cyclonaliteit, maar heel overtuigend ziet dat er niet uit. De convergentie in de vore en de dagelijkse gang moeten evt. trigger zijn voor de ontwikkeling van buien. Maandagochtend vroeg bereikt een zwak koufront het uiterste noorden van de FIR. Maandag overdag trekt dit front langzaam zuidwaarts en bereikt in de avond het uiterste noorden.
Modelbeoordeling:
In de grenslaag lijkt Ha36 veel te veel mist en ST te berekenen. De overige modellen zitten er duidelijk beter op, al berekenen die misschien iets te weinig, De tendens is hoe dan ook wel duidelijk: van het oosten uit wordt geleidelijk iets drogere lucht aangevoerd, waardoor de mistkansen boven zee afnemen. Hirlam berekent vervolgens de komende uren een groot mistgebied ten noorden van ons land, wat we gezien de waarnemingen (geleidelijk iets lagere Td in de aanvoerrichting) verwerpen. Op synoptische schaal zien we slechts subtiele verschillen. Maandag zou het feit dat de cyclonaliteit zich een fractie noordwaarts uitbreidt, ervoor zorgen dat de buiigheid iets noordelijker komt. De buien die zeer lokaal voor het zuiden worden berekend, ontstaan tegen de dagelijkse gang in. Mogelijk dat de ontwikkeling van het windmaximum hierbij weer een rol speelt.
Aandachtspunten
Temperatuur:
Tx op veel plaatsen 20°C maar in de kustgebieden beduidend minder warm door een aanlandige windcomponent.
Wind:
Geen bijzonderheden.
Bewolking:
In de vore lokaal een bui. Deze loopt de komende uren de FIR uit. Later in de middag zien we op de convergentiezone boven België een duidelijk convectief signaal. Ool in het uiterste zuiden is een Cb dan niet helemaal uitgesloten. Toppen dan tot FL150-200, maar mogelijk tot FL300 als alles meewerkt. Op passage van de zwakke bovenluchttrog vanaf zondagavond ook wat verder naar het noorden kans op Cb's met een hoge basis en toppen niet veel hoger dan FL150. Maandag weinig verandering, de buien komen dan mogelijk iets noordelijker.
Neerslag:
Op de vore lokaal een convectief signaal. De CAPE is beperkt, 100-200 J/kg en er is nauwelijks schering (single cell). In de namiddag en avond in het zuiden een kans op een geïsoleerde bui. Onweer is niet geheel uitgesloten, maar dat lijkt toch vooral weggelegd voor België. CAPE dan 500-1000 J/kg, maar nog steeds weinig schering. Hetzelfde geldt voor maandag.
Zicht:
Vanochtend nevelig, mede door veel fijnstof boven ons land. Overdag moet het boven land op dagelijkse gang en ook advectief verbeteren, maar mogelijk blijft het noordwesten en boven zee enigszins heiig. In de nacht naar maandag lijkt vooral het uiterste zuiden gevoelig voor mist. Daar liggen de dauwpunten dan het hoogst en is er sprake van enige convergentie in de vore. Alle modellen, behalve Hirlam, geven een signaal. Overdag moet alles weer vrij snel oplossen.
Paraaf meteoroloog: buscher
Uitgifte: 07/04/2019 05.00 uur LT.
Verwachtingen/waarschuwingen